Bij de invoering van Dezi geldt een jaarlijkse vergoeding voor iedereen die geregistreerd staat in het Dezi-register. Dit geldt voor:
- zorgaanbieders
- zorgmedewerkers
- Indicatieorganen
- jeugdhulpaanbieders
- zorgverzekeraars.
De jaarlijkse vergoedingen zullen een kostprijs betreffen. Dit betekent dat de kosten zijn gebaseerd op de kosten voor beheer en onderhoud van het Dezi-stelsel. Er wordt dus geen winst gemaakt. De exacte kosten per genoemde categorie worden bekend in de periode vóór de invoering van het Dezi-stelsel. Bij elke registratie moet de eerste jaarlijkse vergoeding betaald worden.
- Voor afgewezen aanvragen worden geen kosten in rekening gebracht.
- Na registratie vindt geen restitutie van jaarlijkse kosten plaats.
Kosten van inlogmiddelen binnen Dezi
De kosten voor UZI-middelen blijven ongewijzigd voor de duur dat deze nog geldig en/of in gebruik zijn. De kosten van inlogmiddelen binnen Dezi verschillen per soort inlogmiddel:
- Inlogmiddelen die erkend zijn onder de Wdo
- Publieke inlogmiddelen
- Private inlogmiddelen;
- Genotificeerde inlogmiddelen van andere EU-lidstaten;
- Inlogmiddelen die uitgegeven zijn door een zorgaanbieder, ook wel zorgspecifieke inlogmiddelen genaamd.
Het is nog niet bekend welke kosten deze middelen met zich meebrengen. VWS heeft het voornemen om een stimuleringsregeling op te zetten om de aanschaf van inlogmiddelen te stimuleren.
Kosten voor het aansluiten op Dezi
Dezi brengt veranderingen en kosten met zich mee. De hoogte van de kosten hangt af van verschillende factoren, zoals:
- de grootte van uw organisatie
- het aantal medewerkers
- uw IT-landschap.
Naast het aansluiten op Dezi kan het nodig zijn om bestaande systemen en processen aan te passen. Vanaf 1 januari 2026 kunnen platformleveranciers aansluiten op de testomgeving van het Dezi-authenticatieplatform. Dit geeft uw organisatie de mogelijkheid om samen met uw leverancier(s) tijdig de impact van het aansluiten op Dezi te bepalen, inclusief de mogelijke kosten.